Kopje

Intro...

Psalm 25. Steeds weer zoeken mijn ogen naar U. (28 mei 2017)

Psalmen winnen aan zeggingskracht als je jezelf en je eigen situatie daarin herkent. Ware woorden van een wijze bisschop.
Zelf heb ik deze psalm nooit hartstochtelijker horen zingen dan door een groep chronische verblijf-patiënten.  Met name de stem van de voorzanger, een begaafde, jonge twintiger die het de rest van zijn leven moest zien te stellen met een vernietigend psychiatrisch stigma, galmt nog steeds in me na! Als de nood aan de man komt, wil je wel bidden.
Wij zijn op zoek naar ‘bezieling’. We proberen op het spoor te komen wat de auteur van deze psalm bezielde, toen hij duizenden jaren geleden dit lied zong. We weten nauwelijks iets over zijn omstandigheden, evenmin over de melodie die hij gebruikte. We moeten het doen met de tekst zelf.

Als je die tekst laat bezinken, dan voelt het niet als een nuchtere constatering, maar als een hartenkreet, een diepe verzuchting. Er staat iets op het spel dat van levensbelang is. Het leven zelf lijkt in het geding. Er op of er onder. To be or not to be, that’s the question.


Houd mij in leven. Nu wij zelf, vooral de laatste tijd, geconfronteerd worden met ziekte en dood, kunnen we intenser navoelen wat zo’n zin betekent. Op een gegeven moment schiet alle hulp te kort en komt een mens met zijn  rug tegen de muur te staan. Wat nu nog? Waar kan ik nog terecht?


Wees Gij mijn redding. Ja, Eeuwige, ik hoor Je zeggen dat nood leert bidden. Dat is maar de halve waarheid.  Je kunt weten dat ik al mijn leven lang naar Jou op zoek ben, naar Jou uitkijk. Jij bent de enige op wie ik mijn hoop kan stellen, nu ik er uiteindelijk alleen voorsta.


Naar U gaat mijn verlangen. Jij zult me nooit afschrijven, mij nooit laten vallen. Mij, net zo min als al degenen die hun hoop op Jou gevestigd hebben.
En als Je aan mijn nood zelf niets kunt veranderen (ook Jij kunt ijzeren natuurwetten niet met handen breken!), leer me dan in elk geval hoe ik er mee kan omgaan, hoe ik zin kan vinden, hoe ik met enig vooruitzicht kan leven.
Ik blijf daarom naar Je uitzien. Misschien ontdek ik ooit wie Je echt bent. Ik zou Je zo graag aan den lijve ervaren.

Als je deze psalm met je hart leest, schakel je haast ongemerkt over op je eigen woorden. Je raakt aan het bidden. Je richt je tot God. Ik heb daarbij gemerkt dat onze hedendaagse reserve ten aanzien van het woord God, ertoe kan leiden dat je helemaal verweesd raakt.  Ik ontdekte dat je dan net zoiets doet als muziek, drama en poëzie uit je leven bannen, omdat het toch allemaal berust op verbeelding en fantasie.
Natuurlijk zijn onze spinsels rond God allemaal product van onze fantasie. Maar dat hoeft me er toch niet van te weerhouden ervan te genieten, er troost en kracht aan te ontlenen?

Ik hoop dat, wanneer ik in de penarie zit, of wanneer ik moet vechten om te overleven, ik deze zinnen van de psalm weer terug vindt. Als een mantra, als een laatste reddingsboei.
Dat wens ik ook eenieder van jullie toe.

Referentie

I've worked with Paul for a couple of years and during those years he proved not only to be an expert in his field of work but also someone who did his work with high integrity.


Giovanni Timmermans, Manager at SOVAK

 

 

 

google.png    twitter.pngfacebook.png linkedin.png

Paul van Hoek advies en training in de sociaal psychiatrische zorg